Het Litouwse parlement heeft een voorstel in behandeling om het grondwettelijke verbod op kernwapens te schrappen. Daarmee zou het land de weg vrijmaken voor de stationering van kernwapens op zijn grondgebied. Het debat hierover komt op een moment dat de oorlog in Oekraïne en de oplopende spanning tussen Rusland en de NAVO-landen aan de oostflank opnieuw centraal staan.
Litouwen grenst aan de Russische exclave Kaliningrad en aan Belarus, dat nauw met Moskou samenwerkt. Sinds de Russische inval in Oekraïne heeft Vilnius herhaaldelijk aangedrongen op een steviger NAVO-optreden in de Baltische regio. Het schrappen van het grondwettelijke verbod zou een symbolische en strategische verschuiving betekenen, al is nog niet duidelijk of er ook effectief plannen bestaan om kernwapens te plaatsen.
Tegelijk blijkt uit nieuwe gegevens dat via Zuid-Korea ongeveer 176.000 ton brandstof naar Rusland is verscheept. Die leveringen wijzen erop dat Rusland ondanks de westerse sancties blijft zoeken naar alternatieve kanalen om zijn brandstofvoorziening op peil te houden. Zuid-Korea zou daarbij als doorvoerroute fungeren, wat vragen oproept over de doeltreffendheid van de sancties.
De combinatie van beide ontwikkelingen onderstreept hoe de oorlog in Oekraïne de veiligheidsarchitectuur in Europa en daarbuiten blijft beïnvloeden. Enerzijds zoeken NAVO-landen naar manieren om hun afschrikking te versterken, anderzijds blijft Rusland wegen vinden om economische druk te omzeilen. Voor België en de Europese Unie betekent dit dat de discussie over sanctiehandhaving en militaire paraatheid opnieuw bovenaan de agenda staat.
Het Litouwse voorstel moet nog door verschillende parlementaire stappen. Of het uiteindelijk de vereiste meerderheid haalt, is onzeker. Duidelijk is dat de Baltische staten de bescherming van de NAVO als prioritair beschouwen en dat zij bereid zijn daarvoor gevoelige constitutionele debatten aan te gaan.
3