Het aantal leerlingen in het buitengewoon onderwijs dat minstens anderhalf uur op de bus naar school zit, is vorig schooljaar opnieuw gestegen. Dat blijkt uit cijfers van De Lijn. In het schooljaar 2023-2024 ging het om 5,6 procent van de leerlingen die de bus nemen. Een jaar eerder was dat nog 4,54 procent. In absolute cijfers gaat het om ongeveer 2.300 leerlingen.
De stijging zet een trend verder die al langer zichtbaar is. De Lijn wijst op de toenemende druk op de capaciteit van het leerlingenvervoer. «De capaciteit staat erg onder druk», klinkt het bij de Vlaamse openbaarvervoermaatschappij. Door het groeiende aantal leerlingen en het tekort aan beschikbare bussen en chauffeurs moeten sommige kinderen langere routes afleggen.
Voor leerlingen in het buitengewoon onderwijs is een lange busrit extra belastend. Zij hebben vaak specifieke zorg of begeleiding nodig en zijn afhankelijk van het aangepaste vervoer. Een rit van meer dan anderhalf uur per traject betekent dat sommige kinderen tot drie uur per dag onderweg zijn. Dat gaat ten koste van hun energie en concentratie op school.
De Lijn hoopt dat de aangekondigde hervorming van het leerlingenvervoer soelaas zal bieden. De Vlaamse regering werkt aan een nieuw systeem waarbij het vervoer efficiënter wordt georganiseerd. Daarbij wordt onder meer gekeken naar het bundelen van ritten en het beter afstemmen van de routes op de spreiding van de scholen. Of die hervorming de druk effectief zal verlichten, moet nog blijken.
Ouders en scholen maken zich al langer zorgen over de lange busritten. In sommige regio's moeten leerlingen uit het buitengewoon onderwijs grote afstanden afleggen omdat het aanbod aan gespecialiseerde scholen beperkt is. Daardoor zitten kinderen uit verschillende gemeenten samen op een bus die meerdere scholen aandoet. Dat verlengt de reistijd aanzienlijk.
De cijfers van De Lijn komen bovenop eerdere signalen dat het leerlingenvervoer in Vlaanderen onder spanning staat. Het aantal leerlingen in het buitengewoon onderwijs blijft groeien, terwijl de middelen en het personeel niet in dezelfde mate toenemen. De vervoermaatschappij benadrukt dat ze blijft zoeken naar oplossingen, maar dat de structurele problemen niet van vandaag op morgen verdwijnen.
Voor de betrokken gezinnen is de lange busrit een dagelijkse realiteit. Zij vragen al langer aandacht voor het probleem. De aangekondigde hervorming wordt dan ook met enige terughoudendheid bekeken: de nood is hoog, maar de uitvoering zal bepalend zijn of de reistijden effectief naar beneden gaan.