Het definitief schrappen van de Vlaamse deelname aan het Eurovisiesongfestival was een besparing geweest die zowel op de linkse als op de rechtse flank op applaus had kunnen rekenen. Dat schrijft politiek journaliste Isolde Van den Eynde in een opiniebijdrage. In plaats van die zeldzame win-win te grijpen, sprak minister Cieltje Van Achter (N-VA) volgens haar «met meel in de mond».
Van den Eynde stelt dat de N-VA met haar houding in het Songfestivaldossier de rol van CD&V overneemt. «Met zo'n N-VA heb je geen CD&V meer nodig», luidt haar conclusie. De uitspraak is een sneer naar de partij die zich traditioneel op het Vlaamse middenveld en de culturele sector richt, maar volgens de journaliste in dit dossier overbodig is geworden.
De kwestie raakt aan de bredere discussie over de Vlaamse begroting en de prioriteiten van de deelstaat. Het Eurovisiesongfestival is een jaarlijkse uitgave die door sommigen als een logische besparing wordt gezien, terwijl anderen wijzen op het culturele en economische belang van deelname. Van den Eynde plaatst de beslissing in het kader van de «shitlist» van minister-president Matthias Diependaele, waar het schrappen van het Songfestival volgens haar een gemiste kans is.
De opiniebijdrage verscheen in een context waarin de Vlaamse regering zoekt naar besparingen. De N-VA, met Van Achter op het departement dat bevoegd is voor cultuur en media, kreeg de afgelopen periode vaker kritiek op haar communicatie over culturele uitgaven. De journaliste verwijt de minister dat ze de beslissing niet duidelijk heeft verdedigd en dat ze de kans op een brede consensus heeft laten liggen.
Het Eurovisiesongfestival is voor Vlaanderen al jaren een terugkerend thema in begrotingsdebatten. Voorstanders wijzen op de promotionele waarde en de betrokkenheid van het publiek, tegenstanders op de kostprijs en de vraag of deelname een kerntaak van de overheid is. Dat de afweging nu opnieuw opduikt, past in een bredere oefening waarin de Vlaamse regering uitgaven tegen het licht houdt.
Van den Eynde besluit dat de N-VA met haar optreden in dit dossier het onderscheid met CD&V vervaagt. De partij die zich profileert als bestuurderspartij, kiest er volgens haar voor om een impopulaire maar duidelijke beslissing te vermijden. Daarmee laat ze een kans liggen om zowel links als rechts te overtuigen, wat in het huidige politieke landschap zeldzaam is.
De bijdrage is een van de scherpste analyses van de Vlaamse regeringsploeg in de aanloop naar nieuwe begrotingsgesprekken. Of het Songfestival daarin effectief wordt geschrapt, blijft voorlopig onduidelijk. Wat volgens Van den Eynde vaststaat, is dat de N-VA met deze houding haar eigen profiel geen dienst bewijst.
3