Hoe zie je nog iets goeds in een man die twee kinderen heeft gedood? Assisenvoorzitter Bart Meganck (58) heeft er een antwoord op. Na het proces tegen Dave De Kock zei hij tegen de beschuldigde dat er iets goeds in hem zit, en dat meende hij oprecht. In een exclusief gesprek met HLN herhaalt hij die boodschap en legt hij uit waarom hij die houding belangrijk vindt.

“Mensen zijn nooit alleen maar de slechte dingen die ze gedaan hebben”, zegt Meganck. “Ik laat ze graag in hun waardigheid.” Dat betekent volgens hem niet dat hij de feiten minimaliseert of het leed van de slachtoffers relativeert. Het gaat om de manier waarop een voorzitter van het hof van assisen een beschuldigde tegemoet treedt, ook wanneer de zware feiten vaststaan en de zaak voor een jury is behandeld. Meganck benadrukt dat hij daar niet voor hoeft te stretchen. “In een beschuldigde toch nog iets goeds zien: ik moet me daar niet voor stretchen”, zegt hij.

Voor Meganck hoort die houding bij de rol van de voorzitter, die toezicht houdt op het verloop van het proces en erop toeziet dat de procedure correct wordt gevolgd. Een voorzitter kijkt volgens hem niet alleen naar de feiten, maar ook naar de mens achter de beschuldiging. Het proces tegen Dave De Kock draaide om de dood van twee kinderen, een dossier dat sterke emoties heeft losgemaakt. Juist daarom vraagt de manier waarop een magistraat zich in zo’n zaak opstelt veel aandacht.

Het exclusieve interview geeft zo inzicht in de persoonlijke overwegingen van een magistraat die dagelijks met zware misdrijven te maken heeft. Meganck maakt duidelijk dat zijn uitspraak over het goede in een beschuldigde geen oordeel over de straf of de schuld is, maar een uitgangspunt over hoe hij mensen bejegent in de zaal van het hof. Die afweging blijft voor hem een kernopdracht: de waardigheid van iedereen respecteren, ook van wie zware fouten heeft begaan.

2Weergaven

Auteur

Economie

Femke Peeters — economie, Dagkompas.