Nooit eerder werd er in België zo veel gestaakt als vorig jaar. Het Europees vakbondsinstituut ETUI telde over heel 2025 in totaal 1.354.845 stakingsdagen, of 313 stakingsdagen per 1.000 werknemers. Daarmee wordt het vorige recordjaar 1999, toen er 299 stakingsdagen per 1.000 werknemers werden geteld, overtroffen. In totaal legden 820.917 mensen het werk neer.
De stakingsgolf was in de eerste plaats gericht tegen de besparingsmaatregelen van de regering-De Wever, de zogenaamde Arizona-coalitie. De cijfers van ETUI bevestigen wat vakbonden het voorbije jaar herhaaldelijk aankondigden: het protest tegen het federale regeerakkoord vertaalde zich in een uitzonderlijke mobilisatie op de werkvloer. Vooral in de openbare sector en in het onderwijs lag het zwaartepunt van de acties.
Opvallend is de regionale spreiding van het stakingsgeweld. In Wallonië en Brussel werd relatief gezien meer dan dubbel zo veel gestaakt als in Vlaanderen. Die verschillen weerspiegelen de traditioneel sterkere aanwezigheid van de vakbonden in het zuiden van het land en de grotere gevoeligheid voor de besparingen in de publieke diensten daar.
De cijfers van ETUI, dat de sociale partners in Europa opvolgt, geven een zeldzaam compleet beeld van het stakingsgebeuren in België. Het instituut baseert zich daarbij op gegevens van de vakbonden zelf en op officiële statistieken. De stakingsdagen worden berekend op basis van het aantal werknemers dat deelneemt aan een staking, vermenigvuldigd met het aantal dagen dat de actie duurt.
Dat 2025 een absoluut recordjaar werd, is opmerkelijk omdat ook de jaren voordien al door sociaal protest werden gekenmerkt. De komst van de regering-De Wever begin 2025 zorgde echter voor een nieuwe dynamiek. De besparingen op onder meer de overheidsdiensten, het onderwijs en de sociale zekerheid leidden tot een reeks nationale stakingsdagen en sectorale acties, vaak georganiseerd door de drie grote vakbonden samen.
De vakbonden zelf spraken het voorbije jaar van een historische mobilisatie en kondigden aan dat ze de druk op de regering zullen blijven opvoeren zolang het beleid niet wordt bijgestuurd. De regering verdedigt haar koers met de noodzaak om de overheidsfinanciën te saneren en de concurrentiekracht van de Belgische economie te versterken. De cijfers van ETUI tonen in elk geval aan dat het sociaal protest in 2025 een omvang heeft gekend die in de Belgische naoorlogse geschiedenis zonder weerga is.