België heeft de voorbije jaren stappen voorwaarts gezet in de aanpak van mensenhandel, maar bepaalde groepen blijven bijzonder kwetsbaar. Dat blijkt uit een rapport van de Raad van Europa waarover verschillende Belgische media berichten. Het gaat in het bijzonder om asielzoekers, irreguliere migranten en niet-begeleide minderjarigen.
De Raad van Europa, de oudste mensenrechtenorganisatie van het continent, volgt de inspanningen van lidstaten tegen mensenhandel op. België wordt daarbij erkend voor de vooruitgang die het heeft geboekt, maar het rapport wijst tegelijk op hardnekkige kwetsbaarheden. Mensen die in een precaire verblijfssituatie zitten, lopen een verhoogd risico om het slachtoffer te worden van uitbuiting.
Asielzoekers bevinden zich in een afhankelijkheidspositie: ze wachten op een beslissing over hun verblijfsstatus en hebben vaak beperkte toegang tot de arbeidsmarkt en tot sociale bescherming. Irreguliere migranten leven zonder wettige verblijfsvergunning en blijven daardoor grotendeels buiten het zicht van de overheid. Niet-begeleide minderjarigen zijn extra kwetsbaar omdat ze zonder ouders of wettelijke voogd in België verblijven en vaak niet weten waar ze terechtkunnen voor hulp.
Mensenhandel kent verschillende vormen, waaronder seksuele uitbuiting, arbeidsuitbuiting en gedwongen criminaliteit. Daders richten zich bij voorkeur op mensen die weinig alternatieven hebben en die moeilijk aangifte durven te doen. De vrees voor uitzetting of voor represailles van de daders weerhoudt veel slachtoffers ervan om naar de politie of naar gespecialiseerde diensten te stappen.
België beschikt al langer over een wettelijk kader tegen mensenhandel en over gespecialiseerde opvangcentra en politiediensten. Toch blijft de opsporing van slachtoffers moeilijk, juist omdat de doelgroep zo gesloten is. Het rapport van de Raad van Europa pleit er dan ook voor om de aandacht voor deze groepen te versterken en de samenwerking tussen asielinstanties, politie, justitie en het middenveld te verbeteren.
De bevindingen sluiten aan bij eerdere vaststellingen dat precaire verblijfsstatuten en een gebrek aan informatie over rechten en procedures de kwetsbaarheid vergroten. Voor niet-begeleide minderjarigen is een snelle en correcte voogdijregeling essentieel, evenals een veilige opvang die hen beschermt tegen ronselaars.
De Raad van Europa dringt aan op blijvende waakzaamheid. Voor België betekent dat onder meer dat de opvang en begeleiding van asielzoekers en niet-begeleide minderjarigen op peil moeten blijven, en dat irreguliere migranten beter bereikt moeten worden met informatie over hun rechten. Alleen zo kan worden vermeden dat mensen die al in een zwakke positie verkeren, verder in de greep raken van uitbuiters.
4