Jinnih Beels (Vooruit) heeft het politieke akkoord om haar uit het Antwerpse provinciebestuur te zetten, vergeleken met «nazipraktijken». Dat deed de Antwerpse gedeputeerde voor Landbouw tijdens een receptie voor landbouwers in Geel. «Er wordt een decreet gestemd met maar één bedoeling: iemand de mond snoeren», klonk het bij de 49-jarige politica.
Het akkoord waarover Beels zich zo fel uitspreekt, is een afspraak tussen Vooruit, CD&V en N-VA. Die partijen willen met een decreet een einde maken aan haar functie in het provinciebestuur van Antwerpen. Beels is daar gedeputeerde voor Landbouw. De maatregel zou specifiek op haar situatie zijn toegespitst, wat de politica bijzonder zwaar valt.
Tijdens de receptie in Geel, woensdagavond, liet Beels duidelijk verstaan dat ze niet van plan is om op te stappen. «Ik blijf dit doen tot het einde. Ik ben uw bondgenoot», zei ze tegen de aanwezige landbouwers. Ze hoopte daarbij dat het niet haar laatste receptie zou zijn. De gedeputeerde blijft zich voorlopig dus verzetten tegen de politieke afspraak die haar mandaat in het provinciebestuur in gevaar brengt.
De uitspraak over «nazipraktijken» is opvallend scherp in het Belgische politieke landschap. Beels legt daarmee een direct verband tussen het decreet en een praktijk die ze als ondemocratisch beschouwt. Ze stelt dat het niet gaat om een inhoudelijke beleidskeuze, maar om een maatregel die één persoon moet treffen. Daarmee zet ze de discussie op scherp: het conflict draait niet alleen om het provinciebestuur, maar ook om de vraag hoe ver een politieke meerderheid mag gaan om een tegenstander uit een bestuursfunctie te verwijderen.
Vooruit, CD&V en N-VA hebben samen de nodige meerderheid om het decreet te stemmen. Daardoor lijkt de positie van Beels in het Antwerpse provinciebestuur bijzonder precair. Toch blijft ze voorlopig standhouden. Haar uitlatingen in Geel maken duidelijk dat ze de strijd niet opgeeft en dat ze haar werk als gedeputeerde voor Landbouw blijft uitoefenen zolang dat mogelijk is.
De zaak raakt niet alleen de Antwerpse provinciepolitiek, maar ook de bredere verhoudingen binnen de Vlaamse partijen. Het akkoord tussen Vooruit, CD&V en N-VA betekent dat Beels ook binnen haar eigen partij niet op steun kan rekenen om haar mandaat te behouden. Dat maakt de situatie des te opmerkelijker: een gedeputeerde die door een akkoord van haar eigen partij met twee coalitiepartners uit het bestuur kan worden gezet.
Beels benadrukte in Geel dat ze zich blijft inzetten voor de landbouwers. «Ik ben uw bondgenoot», zei ze, waarmee ze haar band met de sector onderstreepte. De receptie voor landbouwers was dan ook niet toevallig de plek waar ze haar verzet kracht bijzette. Het is een achterban die ze naar eigen zeggen blijft vertegenwoordigen, ongeacht de politieke beslissing die boven haar hoofd hangt.
Hoe het nu verder moet, is onduidelijk. Het decreet moet nog worden gestemd, maar de politieke afspraak staat. Zolang dat niet is gebeurd, blijft Beels in functie. Ze heeft alvast laten weten dat ze niet vrijwillig opstapt. De komende dagen en weken zal moeten blijken of het provinciebestuur van Antwerpen effectief wordt herschikt, en of Beels haar strijd tot het einde kan volhouden.
4