Het hof van assisen in Antwerpen heeft Rennlhij Manuela (47) vrijdagavond schuldig bevonden aan de moord op zijn eigen zoon Jairon (14). Toch verliet hij het gerechtsgebouw als een vrij man. Hij brengt zijn laatste vrije weekend door in afwachting van de strafmaat, die het hof later uitspreekt. De vraag die velen zich stellen: hoe kan iemand die officieel schuldig is aan moord, toch naar huis gaan?

De verklaring zit in de werking van het hof van assisen. Dat is het enige Belgische rechtscollege dat zware misdaden zoals moord met een jury berecht. De procedure verloopt in twee fasen. Eerst buigt de jury zich over de schuldvraag: is de beschuldigde schuldig aan de tenlastelegging? Pas daarna volgt de strafmaat, die door de rechter wordt bepaald op basis van de wettelijke strafvorken en de omstandigheden van de zaak.

Tussen die twee fasen zit een periode waarin de beschuldigde, nu officieel schuldig bevonden, nog niet is veroordeeld tot een straf. De wet voorziet niet automatisch in onmiddellijke opsluiting na de schuldigverklaring. De rechter kan wel een aanhoudingsbevel uitvaardigen, maar dat is geen automatisme. Zolang er geen straf is uitgesproken, bevindt de persoon zich in een juridisch niemandsland: schuldig, maar nog niet bestraft.

Misdaadreporter Tim Lescrauwaet van HLN nuanceert de situatie. «Het zou me niet verbazen als de politie hem op dit moment stiekem in de gaten houdt», zegt hij. Dat wijst erop dat de autoriteiten de man wel degelijk volgen, ook al is hij fysiek vrij. De vrijheid is dus voorwaardelijk en tijdelijk, in afwachting van de definitieve strafoplegging.

De zaak roept vragen op over de rechtspositie van een schuldig bevonden persoon vóór de strafuitspraak. In de praktijk komt het zelden voor dat iemand na een schuldigverklaring voor moord zonder meer naar huis gaat. Meestal wordt de beklaagde na de schuldigverklaring aangehouden, of wordt de zaak onmiddellijk voortgezet met de strafmaat. Dat hier een weekend vrijheid volgt, is juridisch mogelijk maar uitzonderlijk.

Het hof van assisen in Antwerpen behandelt jaarlijks een beperkt aantal moordzaken. De procedure is zwaar en langdurig, met een jury van twaalf leken die samen met professionele rechters oordeelt. De scheiding tussen schuld en straf is een fundamenteel principe: eerst wordt vastgesteld wat er gebeurd is, dan volgt de vraag welke sanctie daarbij hoort. Dat verklaart waarom een schuldigverklaring niet automatisch leidt tot opsluiting.

Voor de nabestaanden van Jairon moet de gang van zaken moeilijk te begrijpen zijn. Een kind van veertien verliezen is een onherstelbaar verlies. Dat de dader vervolgens een weekend vrij rondloopt, kan als een klap aankomen. Toch is het een gevolg van de wettelijke procedure, niet van een fout van de rechtbank. De rechter volgt de stappen die de wet voorschrijft.

Wat er nu gebeurt, is dat het hof zich buigt over de strafmaat. Daarbij spelen de ernst van de feiten, de persoonlijkheid van de dader en de omstandigheden een rol. De uiteindelijke straf kan variëren van een lange gevangenisstraf tot een levenslange opsluiting, afhankelijk van wat de jury en de rechter passend achten. Tot die uitspraak valt, blijft Manuela een vrij man, maar onder toezicht.

De politie houdt hem naar verluidt in het oog. Of dat ook effectief gebeurt, is niet officieel bevestigd, maar de uitspraak van de misdaadreporter suggereert dat de autoriteiten niet van plan zijn hem uit het oog te verliezen. Zodra de straf is uitgesproken, volgt normaal gezien de opsluiting. Het vrije weekend is dus hoogstwaarschijnlijk het laatste in lange tijd.

De zaak-Jairon blijft de gemoederen beroeren. Een vader die zijn zoon doodt, een schuldigverklaring, en dan toch een weekend vrijheid: het is een combinatie die vragen oproept over hoe ons rechtssysteem omgaat met de periode tussen schuld en straf. Het antwoord ligt in de wet, maar het blijft een pijnlijke realiteit voor wie achterblijft.

Auteur

Economie

Femke Peeters — economie, Dagkompas.